Een bloeddrukmeting klinkt misschien als iets wat alleen bij de dokter gebeurt, maar steeds meer mensen doen het gewoon thuis. Dat is slim, want je bloeddruk zegt veel over je gezondheid. Een te hoge druk op de bloedvaten vergroot de kans op een hartinfarct of beroerte, terwijl je er zelf niets van hoeft te voelen. Juist daarom is het goed om te weten hoe je dit meet, wat de uitkomst betekent en wanneer je actie moet ondernemen.
Wat de cijfers op je bloeddrukmeter betekenen
Bij het meten van je bloeddruk zie je twee getallen, bijvoorbeeld 120/80. Het eerste getal is de bovendruk, ook wel de systolische druk genoemd. Dit is de druk in je bloedvaten op het moment dat je hart samenknijpt en bloed rondpompt. Het tweede getal is de onderdruk, ofwel de diastolische druk. Dat is de druk wanneer je hart zich ontspant tussen twee slagen in. Een gezonde bloeddruk ligt ongeveer onder de 140/90. Kom je daar regelmatig boven, dan spreek je van een verhoogde bloeddruk. Waarden rond 120/80 worden gezien als normaal, al verschilt het per persoon en per situatie.
De juiste manier om je bloeddruk thuis te controleren
Thuis je bloeddruk controleren geeft een betrouwbaarder beeld dan één meting bij de huisarts. Stress of haast kan de waarden tijdelijk omhoog brengen, wat ook wel het wittejasseneffect wordt genoemd. Om thuis goed te meten, is het verstandig om een halfuur van tevoren rustig te zijn. Rook niet, drink geen koffie en sport niet vlak voor de meting. Ga rechtop zitten met je voeten plat op de vloer en leg je arm ontspannen op een tafel. Plaats de manchet, de band om je arm, op de juiste hoogte: op hartshoogte, net boven de elleboog. Meet bij voorkeur twee keer achter elkaar en schrijf de waarden op. Doe dit ’s ochtends en ’s avonds, zeven dagen lang, als je een goed gemiddeld beeld wilt krijgen.
Wanneer je bloeddruk laten nakijken door een arts
Veel mensen weten niet dat een verhoogde bloeddruk jarenlang onopgemerkt kan blijven. Klachten zoals hoofdpijn of duizeligheid komen soms voor, maar lang niet altijd. Vanaf je veertigste is het verstandig om je waarden elk jaar te laten checken, ook als je je prima voelt. Meten je thuis regelmatig waarden boven de 140/90, dan is het goed om dit te bespreken met je huisarts. Hetzelfde geldt als je waarden juist erg laag zijn, onder de 90/60, want een te lage bloeddruk kan ook klachten geven zoals vermoeidheid en flauwvallen. Je arts kan bepalen of verdere controle of behandeling nodig is.
Welk apparaat je kiest voor thuismetingen
Voor thuismetingen zijn bloeddrukmeters voor de bovenarm betrouwbaarder dan polsmeters. Bij een polsmeter kunnen kleine bewegingen of een verkeerde houding de uitslag beïnvloeden. Een bovenarm apparaat met een digitaal scherm is voor de meeste mensen het makkelijkst in gebruik. Let bij de aanschaf op de manchetmaat: een te kleine of te grote manchet geeft onjuiste waarden. De meeste apparaten worden geleverd met een standaard manchet, maar grotere maten zijn apart verkrijgbaar. Kies een apparaat dat gecertificeerd is en klinisch gevalideerd. Je apotheek of huisartsenpraktijk kan je hierbij adviseren. Het is ook mogelijk om de meting daar gratis te laten doen als je geen eigen apparaat wilt kopen.
Veelgestelde vragen
Hoe vaak moet je je bloeddruk meten?
Voor een betrouwbaar beeld meet je je bloeddruk twee keer per dag gedurende een week: eenmaal ’s ochtends en eenmaal ’s avonds. Doe je dit als eenmalige controle, dan zijn een paar metingen op rust al nuttig. Heb je een behandeling voor hoge bloeddruk, dan overlegt je arts hoe vaak meten zinvol is.
Kan stress de uitslag beïnvloeden?
Ja, stress kan de uitslag tijdelijk verhogen. Spanning, haast of zelfs de aanwezigheid van een arts kan de waarden omhoog brengen. Daarom is het nuttig om thuis te meten in een rustige omgeving, nadat je minimaal vijf minuten hebt gezeten zonder inspanning of opwinding.
Is een bloeddruk van 130/85 gevaarlijk?
Een waarde van 130/85 valt in de categorie licht verhoogd, maar is op zichzelf nog geen reden tot grote zorgen. Kom je hier regelmatig boven, dan is het verstandig om dit met je huisarts te bespreken. Samen met andere factoren zoals leeftijd, gewicht en leefstijl bepaalt de arts of actie nodig is.
Welke arm gebruik je voor de meting?
Gebruik bij voorkeur altijd dezelfde arm, zodat je metingen goed te vergelijken zijn. Normaal gesproken wordt de linkerarm aangeraden, maar als er een duidelijk verschil zit tussen beide armen, gebruik dan de arm met de hogere waarde. Een groot verschil tussen beide armen kan soms een aanleiding zijn voor verder onderzoek.

















