Een magnetron verwarmt voedsel door middel van microgolven: onzichtbare elektromagnetische golven die watermoleculen in je eten in beweging brengen. Die beweging zorgt voor wrijving, en wrijving zorgt voor warmte. Dat is in één zin hoe een magnetron werkt.
Wat dat in de praktijk betekent, is dat je eten van binnenuit warm wordt, in plaats van van buitenaf zoals bij een oven of pan. Dat verklaart waarom een magnetron zo snel werkt: de golven dringen direct het voedsel in, in plaats van dat de warmte langzaam naar binnen trekt.
Wat zijn microgolven precies?
Microgolven zijn een vorm van elektromagnetische straling, net als radiogolven en licht, maar met een kortere golflengte dan radio en een langere dan infrarood. In een magnetron worden golven gebruikt met een frequentie van 2,45 gigahertz. Die frequentie is niet willekeurig gekozen: hij laat watermoleculen efficiënt trillen zonder dat de golven bijvoorbeeld metalen structuren beschadigen of door voedsel heen gaan zonder effect.
Microgolven zijn niet schadelijk voor je gezondheid als je ze eet of inademt. Ze maken voedsel ook niet radioactief. Ze doen niets anders dan moleculen in beweging zetten, waarna die beweging stopt zodra je de magnetron uitzet.
Hoe werkt een magnetron van binnen?
De kern van elke magnetron is een onderdeel dat een magnetron heet (naar dit onderdeel heeft het apparaat zijn naam). Dit is een vacuümbuis die elektronen gebruikt om microgolven op te wekken. Die golven worden via een golfgeleider de kookruimte ingestuurd.
In de kookruimte zelf weerkaatsen de golven tegen de metalen wanden. Daardoor verspreiden ze zich door de ruimte en bereiken ze het voedsel vanuit meerdere kanten. Het draaiplateau dat je in de meeste magnetrons ziet, is er juist om te voorkomen dat er koude plekken ontstaan: door je eten rond te draaien, komen de golven steeds vanuit een andere hoek binnen.
Zonder dat draaiplateau zouden sommige plekken in je eten heet zijn en andere koud. Dit heeft te maken met staande golven, waarbij pieken en dalen van de microgolven op vaste plekken in de ruimte staan. Het draaien lost dat probleem grotendeels op.
Waarom warmt een magnetron niet alles gelijkmatig op?
Zelfs met een draaiplateau kun je ongelijke verhitting tegenkomen. Dat komt doordat microgolven niet overal even diep doordringen. Gemiddeld dringen ze een centimeter of twee tot vier het voedsel in, afhankelijk van de samenstelling. De binnenkant van een dik stuk vlees of een bevroren maaltijd krijgt de golven dus minder direct mee dan de buitenkant.
Voedsel met weinig water, zoals suiker of vet, warmt ook minder goed op in een magnetron. Droog brood wordt daardoor al snel taai: het verliest vocht zonder dat het echt heet wordt. Dat is een bekende valkuil. Voor knapperige resultaten is een magnetron niet de beste keuze; daarvoor heb je een oven of een combimagnetron nodig.
Wat mag er niet in een magnetron?
Metaal is de bekendste boosdoener. Aluminiumfolie, metalen bestek of blikjes zorgen ervoor dat de microgolven weerkaatsen in plaats van het voedsel in te gaan. Dat kan vonken veroorzaken en in het ergste geval brand. Gebruik altijd magnetronbestendig aardewerk, glas of plastic.
Gesloten verpakkingen en hele eieren zijn ook gevaarlijk. Stoom die geen kant op kan, zorgt voor drukopbouw, met een explosie als gevolg. Prik altijd een gaatje in worst, aardappels met schil of andere voedingsmiddelen met een strak omhulsel voordat je ze opwarmt.
Is een magnetron zuinig?
Voor kleine hoeveelheden voedsel is een magnetron één van de zuinigste manieren om iets warm te maken. Een gemiddelde magnetron verbruikt tussen de 700 en 1200 watt, maar omdat de opwarmtijd veel korter is dan bij een gewone oven, is het totale energieverbruik per bereiding vaak lager. Voor het opwarmen van een bord soep of kliekjes is de magnetron dus een slimme keuze, ook qua energieverbruik.
Voor grotere hoeveelheden of gerechten die gelijkmatige droge warmte nodig hebben, is een oven of combimagnetron praktischer. Een magnetron is geen vervanging voor alle kookmethodes, maar voor snel opwarmen en ontdooien is het apparaat moeilijk te kloppen.




















