Skip to main content
0
(0)

Boven op de bank, arm op tafel, knopje indrukken: bloeddruk meten thuis is eenvoudiger dan je denkt. Toch gaat het vaak subtiel mis, waardoor de uitslag minder betrouwbaar is dan die bij de huisarts. Met de juiste voorbereiding en techniek meet je zelf nauwkeurig je bloeddruk en heb je meteen bruikbare informatie voor jezelf of je arts.

Waarom zou je thuis je bloeddruk meten?

Bij de huisarts voelen veel mensen zich gespannen. Dat kan de bloeddruk tijdelijk verhogen, ook als je in het dagelijks leven geen hoge bloeddruk hebt. Dit heet wittejasseneffect. Thuismetingen geven een realistischer beeld van je bloeddruk in je normale omgeving.

Volgens de Hartstichting is het vanaf je 40ste verstandig om elk jaar je bloeddruk te laten controleren, ook als je je fit voelt. Een te hoge bloeddruk geeft namelijk vaak geen klachten, maar verhoogt wel je kans op een beroerte of hartinfarct. Regelmatig meten thuis helpt om een patroon te zien.

Welk apparaat gebruik je voor bloeddruk meten thuis?

Kies een bloeddrukmeter met een manchet die om je bovenarm gaat. Bloeddrukmeters voor de pols zijn minder betrouwbaar, omdat kleine bewegingen of een verkeerde polspositie de meting al beïnvloeden. Een bovenarm-bloeddrukmeter geeft doorgaans een nauwkeuriger resultaat.

Let bij de aanschaf op de manchetmaat. Een te kleine manchet geeft een te hoge uitslag, een te grote manchet juist een te lage. De manchet hoort om je bovenarm te passen, niet te strak en niet te los. Sommige apparaten worden geleverd met meerdere manchetmaten.

Bloeddruk meten thuis in 5 stappen

Volg deze stappen elke keer op dezelfde manier. Consistentie is belangrijker dan een perfecte eenmalige meting.

  • Stap 1: Rust voor de meting. Zorg dat je minimaal een half uur voor de meting niet hebt bewogen, gerookt, koffie gedronken of een zware maaltijd hebt gehad. Ga rustig zitten en wacht vijf minuten voordat je begint.
  • Stap 2: Zit in de juiste houding. Ga rechtop zitten met je rug tegen de rugleuning. Zet je voeten plat op de vloer en kruis je benen niet. Leg je arm op een tafel zodat de manchet op harthoogte zit.
  • Stap 3: Bevestig de manchet correct. Schuif de manchet over je bovenarm, een tot twee centimeter boven je elleboog. De slang loopt aan de binnenkant van je arm. De manchet mag niet te strak zitten: je moet er net één vinger onder kunnen schuiven.
  • Stap 4: Meet en beweeg niet. Druk op de startknop. Praat niet en beweeg je arm niet tijdens de meting. Span ook je spieren niet aan. De manchet pompt zichzelf op en laat de lucht daarna gecontroleerd aflopen.
  • Stap 5: Noteer de uitslag. Schrijf de bovendruk (systolisch), onderdruk (diastolisch) en je hartslag op, samen met het tijdstip. Dit helpt je en je arts een goed beeld te krijgen over langere tijd.

Hoe vaak en wanneer meet je?

Thuisarts adviseert om twee keer per dag te meten: één keer ’s ochtends en één keer ’s avonds. Dit doe je het liefst meerdere dagen achter elkaar. Zo middel je de schommelingen uit en krijg je een betrouwbaarder gemiddelde. Meet bij voorkeur op vaste momenten, bijvoorbeeld voor het ontbijt en voor het slapengaan.

Meet altijd aan dezelfde arm. De bloeddruk kan licht verschillen tussen je linker- en rechterarm. Kies de arm die je arts aanraadt, of de arm waarbij de bloeddruk het hoogst is.

Wat zijn normale waarden?

Een normale bloeddruk thuis ligt onder de 135/85 mmHg. Bij de dokter geldt een iets hogere grens van 140/90 mmHg, omdat thuismetingen gemiddeld wat lager uitvallen. Is je thuismeting herhaaldelijk hoger dan 135/85 mmHg? Neem dan contact op met je huisarts.

Eén hoge meting zegt niet zoveel. Stress, een volle blaas of een kopje koffie van eerder op de dag kunnen de uitslag al beïnvloeden. Kijk daarom altijd naar het gemiddelde van meerdere metingen over meerdere dagen.

Veelgemaakte fouten bij thuismeting

Veel mensen meten niet helemaal op de juiste manier, zonder dat ze het doorhebben. Dit zijn de meest voorkomende fouten:

  • Te kort van tevoren bewogen of koffie gedronken
  • Arm hangt omlaag in plaats van op tafelhoogte
  • Manchet over kleding aangebracht
  • Praten of bewegen tijdens de meting
  • Slechts één keer meten en die uitslag als definitief beschouwen

Wanneer ga je naar de huisarts?

Bloeddruk meten thuis is een goede aanvulling op controles bij de huisarts, maar geen vervanging. Ga naar de huisarts als je bloeddruk meerdere dagen achter elkaar hoog is, als je twijfelt over de metingen, of als je klachten hebt zoals hoofdpijn, duizeligheid of kortademigheid. Neem bij het bezoek je notities mee. Een reeks thuismetingen geeft de huisarts veel meer informatie dan één meting in de spreekkamer.

Veelgestelde vragen

Hoe weet ik of mijn bloeddrukmeter nauwkeurig genoeg is?
Kijk of je bloeddrukmeter is gevalideerd. Gevalideerde apparaten zijn getest op nauwkeurigheid volgens medische standaarden. Op de website van de Blood Pressure UK of via je apotheek kun je nagaan of een apparaat op de validatielijst staat. Je apotheek kan ook helpen bij de keuze.

Mag ik twee keer achter elkaar meten en het gemiddelde nemen?
Ja, dat kan de betrouwbaarheid vergroten. Wacht dan wel één tot twee minuten tussen de metingen, zodat de bloedvaten zich kunnen herstellen. Sommige bloeddrukmeters doen dit automatisch en berekenen zelf een gemiddelde.

Maakt het uit aan welke arm ik meet?
De bloeddruk kan licht verschillen per arm. Het is verstandig om altijd aan dezelfde arm te meten voor eerlijke vergelijking. Als je nog nooit hebt gemeten, begin dan aan beide armen. De arm met de hogere uitslag is daarna de arm om standaard te gebruiken. Vraag bij twijfel aan je huisarts welke arm de voorkeur heeft.

Kan ik ook meten als ik medicijnen gebruik voor mijn bloeddruk?
Ja, thuismeting is juist nuttig als je bloeddrukverlagende medicijnen gebruikt. Het helpt je en je arts te zien of de medicatie goed werkt. Meet bij voorkeur altijd op hetzelfde moment ten opzichte van je medicatie-inname, zodat de metingen goed vergelijkbaar zijn.

Hoe behulpzaam was dit artikel?

Click op een ster om te raten!

Gemiddelde rating 0 / 5. Aantal stemmen: 0

Nog geen stemmen. Wees de eerste die stemt.